| Artikelindex |
|---|
| Rwanda |
| cijfers |
| Alle pagina's |
Gestart in 1964
Net zoals de projecten in Burundi en Congo, ging het Rwanda-project in 1964 van start. Pas in 1989 werd het uitgebreid met tuberculose. De politieke spanningen uit het verleden hebben de werking sterk beïnvloed.
Het tbc-probleem
2007 zal gekenmerkt blijven als een jaar waarin veel vooruitgang geboekt werd: voor alle nieuwe, geïnfecteerde tbc-patiënten die in 2006 gediagnosticeerd werden, overtreft de genezingsgraad het streefpercentage van 85%: het bedraagt 86,4%. Het aantal opgespoorde tbc-patiënten blijft evenwel stagneren ondanks de talrijke inspanningen die geleverd werden. Zo wordt de DOTS-strategie voortaan in de helft van de districten van het land toegepast, waar de vrijwillige gezondheidsanimatoren werden opgeleid om hun leefgemeenschappen bewust te maken van het tbc-probleem, om mensen die chronisch hoesten op te sporen en hen vervolgens de behandeling onder directe observatie te laten volgen. Samenwerkingsovereenkomsten werden ook getekend met vier privéziekenhuizen van Kigali voor de diagnose en de behandeling van tuberculose.
Ongeveer een derde van de tbc-patiënten is ook seropositief. Een vroegtijdige opsporing én behandeling van deze twee ziektes kan het aantal overlijdens doen verminderen. De samenwerkingsactiviteiten tussen tbc en hiv worden ook steeds meer in de gezondheidsopleidingen geïntegreerd. Dat blijkt ook uit het opsporingspercentage: bij 89% (wat een opmerkelijk percentage is) van de tbc-patiënten wordt hiv ontdekt.
Opleidingen
Steeds meer gezondheidsopleidingen besteden aandacht aan de opvolging van ambulante, multiresistente tbc-patiënten. De genezingsgraad voor de eerste ‘reeks’ zieken die in 2005 werden opgespoord, bedraagt 82%, wat een zeer bevredigend percentage is. Dit cijfer onderstreept de zorgvuldige opvolging door het personeel. Zoals elk jaar waren de vormingen talrijk. De dokters hebben uitstekende vormingen kunnen volgen over thoracale radiologie en over infectiecontrole. Het verplegend personeel kreeg vorming over de integratie van de tbc- & hiv-activiteiten en over de behandeling van multiresistente tuberculose.
De supervisors van het PNILT hebben het land doorkruist om te controleren of de patiënten op de juiste manier behandeld worden. In elk district waren er vergaderingen om de inspanningen van gezondheidsopleidingen te evalueren om de twee ziektes onder controle te houden. Ten slotte vonden er speciale activiteiten plaats om lepra op te sporen op endemische plaatsen en werden er initiatieven genomen om bij te dragen aan de revalidatie van verminkte patiënten.



